Nieuwsbrief van Zuster Emmanuel.

Medjugorje, 16 december 2020

Mijn dierbare vrienden, geprezen zijn Jezus en Maria,


1. Op 25 november 2020 heeft de zienster Marija Pavlovic tijdens haar verschijning de volgende maandelijkse boodschap ontvangen:

Lieve kinderen! Dit is de tijd van liefde, van warmte, van gebed en van vreugde. Bid, lieve kinderen, opdat de Kleine Jezus in je hart geboren mag worden. Open je hart voor Jezus die zich aan ieder van jullie geeft. God heeft mij gezonden om in deze tijd vreugde en hoop te zijn, en ik zeg jullie: zonder het Kind Jezus heb je geen tederheid en geen gevoel van de Hemel, verborgen in de Pasgeborene. Dus, lieve kinderen, werk aan jezelf. Door de Heilige Schrift te lezen zul je Jezus’ Geboorte en de vreugde van de eerste dagen ontdekken, zoals Medjugorje die aan de mensheid heeft gegeven. De geschiedenis zal waar zijn, die zich ook vandaag in en rondom jullie herhaalt. Werk en bouw aan vrede door het Sacrament van de Verzoening. Verzoen je met God, lieve kinderen, en jullie zullen de wonderen om jullie heen zien. Bedankt dat jullie mijn oproep beantwoord hebben.

2.
Een kind op de trap. Omdat het Kerstfeest nadert, wil ik hier twee concrete taferelen schetsen van het kindje Jezus, omdat Hij zich vaak heeft getoond aan verschillende heiligen.

Op een dag was de heilige Teresa van Avila op weg naar de kapel van haar klooster, de Karmel van de Incarnatie geheten, en omdat ze aanstalten maakte om de trap op te gaan, wendde ze haar blik richting de trap… en opeens zag ze op de laatste trede van de trap een klein jongetje staan, een prachtig kind dat helemaal straalde van schoonheid. Geheel verbaasd strekte ze haar armen naar hem uit zonder verder iets te zeggen, maar ze vroeg zich wél af hoe hij in deze privé vertrekken van het klooster was beland. Het kind echter stelde haar wél een vraag, en het vroeg aan haar: “Hoe heet jij?”:

- Ik heet Teresa van Jezus. En jij, mijn klein lief kind, hoe heet jij?
- Als jij Teresa van Jezus bent, dan ben ik Jezus van Teresa.

Wat een kostbaar gesprekje. Met de eenvoudige woordjes van een klein kind openbaart Jezus als het Kindje Jezus een buitengewoon aspect van Zijn Hart. Hij verlangt er zó naar om ons dieper met Hem kennis te laten maken, en wel veel dieper dan alleen vanuit Zijn zichtbare aanwezigheid: Hij verlangt naar een diepe, intieme eenheid tussen Zijn persoon en die van ons. Sinds ons Doopsel behoren wij Hem toe en behoort Hij ons toe. Daarom kan iedereen met veel blijdschap achter zijn voornaam nog toevoegen… van Jezus… en dit als onze glorierijke titel. Caroline van Jezus, Vincent van Jezus enz… Dit toebehoren aan elkaar: ieder van ons persoonlijk met Jezus in intimiteit verenigd, is een innerlijke waarde van het doopsel, die voortspruit uit het Sacrament van het Doopsel. Deze diepe waarde van het Doopsel maakt dat we recht hebben op alle genaden die bij het Kind Jezus, de Pasgeborene, aanwezig zijn: de tederheid en de gevoelens van de Hemel, zo zegt de heilige Maagd ons. Welk een genezingskracht wordt ons geboden vanuit deze goddelijke tederheid en vanuit de gevoelens van de Hemel, die tot ons komen. Wie verlangt er nu niet naar zo een schat van zo een onschatbare waarde, die maar zelden voorhanden is, en die nu juist voor iedereen voor het oprapen ligt?

Klein Kindje Jezus, Pasgeborene, kom naar mij toe op mijn trap van het leven die te hoog voor mij is, en sta mij toe om Je in mijn armen te nemen, want Je behoort mij toe, en ik behoor ook Jou toe.

3. Hij wist net aan de dood te ontkomen. Onze Italiaanse vriend Davide Saccani, die eigenaar is van een reisbureau, is ook een trouwe Medjugorje bedevaartganger, en deze zomer heeft hij de dood in de ogen gekeken. Zijn getuigenis illustreren de woorden die Jezus heeft toevertrouwd aan Don Dolindo van Napels (Zie: mijn nieuwsbrief van 15 november 2020).

« Op 13 augustus 2020 werd ik neergeveld door een ernstige beroerte. Dank zij de snelle reactie van mijn naasten werd ik ogenblikkelijk naar het ziekenhuis gebracht. En gezien de ernst van de situatie, bracht men mij van daar direct naar een centrum dat gespecialiseerd is in beroertes, en dat 25 km van mijn woonplaats gelegen is.

Ik was er echt slecht aan toe, en tegelijkertijd had ik mijn volle bewustzijn behouden. Nadat er een medisch advies ten aanzien van mij was uitgebracht, en nadat mijn vrouw was geïnformeerd over de risico’s die een operatie mogelijk met zich mee zou kunnen brengen, besloten de artsen om mij met spoed te opereren. Ook al was ik volledig bij bewustzijn, toch was het voor mij niet mogelijk om te spreken. Toen ik in de operatiekamer aankwam, lieten ze mij op de operatietafel zitten. Vervolgens deed ik mijn handen omhoog om de aandacht te trekken. Ik nodigde iedereen uit op een kruisteken te maken (waardoor ze zich misschien allemaal een beetje opgelaten voelden), en omdat ik niet in staat was om te spreken, bad ik in mijn hart met al mijn krachten, en ik zei tegen de Heer: “Jij moet nu zorg dragen voor de situatie, ik vertrouw op Jou.” Vanaf dat moment is alles op wonderbaarlijke wijze veranderd. Ik werd overspoeld met een onuitsprekelijke vrede. Deze vrede heeft mij alle dagen van mijn therapie vergezeld, en ze heeft mij nooit meer verlaten. In die tijd kende ik Don Dolindo nog helemaal niet, en nog minder zijn fameuze toewijdingsgebed. Toen ik het ontdekte, was ik er geheel ondersteboven van. Vandaag de dag ben ik er van overtuigd dat ‘een zich volledig toevertrouwen aan de Heer als je in moeilijkheden verkeerd’, het enige geneesmiddel is tegen angst en pijn, en tegen eenzaamheid. De Heer stelt er zich niet tevreden mee om alleen maar ons lijden te verlichten wanneer we een moeilijke periode doormaken, Hij gebruikt ons “Kruis” ook om Zijn Aanwezigheid aan ons te laten voelen. Ik ben een getuige van de buitengewone gave van het gebed van overgave:”Jezus, ik verlaat mij geheel op U, nu moet U zorg dragen voor de situatie”, want ik heb er zelf de vruchten van ondervonden. Ik geloof stellig dat iedereen dit gebed op deze wijze kan beleven, en daarom was het mijn verlangen om dit getuigenis met u te delen.”


4. De heilige Edith Stein
, een van de 6 patronessen van Europa, hield veel van het Kindje-Jezus en van het mysterie van de Incarnatie. Door haar Joodse wortels had ze al een diep Godsbesef ontwikkeld van de Levende en Ware God. Toen zij katholiek was geworden, was zij geheel gefascineerd geraakt door de persoon Jezus, en in het bijzonder werd zij geboeid door Zijn kleinheid in Zijn kinderjaren. Om die reden wijdde ze zich geheel aan Hem toe in de Karmel van het Kindje-Jezus van Praag, te Keulen.

Voordat zij de Karmel binnenging om er in te treden, was ze op een kerstnacht aanwezig in de nachtmis. Na de Mis, terwijl de Kerk leegstroomde, werden alle lichten uitgedaan en werden alle deuren gesloten. Echter, daarbij had niemand de aanwezigheid opgemerkt van een vrouw die daar stil aan het bidden was. De volgende morgen toen de koster de Kerk opende, kon hij zijn ogen niet geloven: Edith Stein zat geknield voor de kribbe te bidden, en dit nog precies in dezelfde houding als de nacht ervoor. De koster bood zijn excuus aan, dat hij haar die nacht in de Kerk had opgesloten en hij vroeg hij of ze niet te moe was geworden. Maar Edith antwoordde: “Hoe kunnen we vermoeid raken tijdens de nacht dat God mens is geworden?”

Door de Gestapo gearresteerd zoals zoveel Joden.
Edith werd na haar arrestatie eerst gedeporteerd naar het kamp Westerbork en daarna werd zij overgebracht naar Auschwitz. In een van deze ‘doodstreinen’ die haar zou brengen tot in de hel van Auschwitz, als zijnde haar laatste bestemming, lukte het haar om een klein briefje uit de trein te werpen dat gericht was aan haar gemeenschap, om hen te vertellen hoe het haar verging. Daarop stond geschreven: “Het welbeminde Kindje-Jezus is hier ook, midden onder ons.” (Das liebe Jesuskind ist auch hier mitten unter uns.”)

Het Kindje-Jezus midden tussen de terdoodveroordeelden die een afschuwelijke dood in de ogen moesten kijken…
Ja.... Hij had Edith niet in de steek gelaten na al die jaren van liefdevolle trouwe verering van haar kant. Het kindje-Jezus had daarentegen een diepe Vrede in haar uitgestort, een Vrede die niet van deze wereld is, die goddelijke Vrede waarvan Jezus spreekt in Zijn Evangelie, en die Hij alleen in staat is om te geven, en die de wereld niet kent, en die de wereld ons niet kan geven. Deze Vrede kan niemand ons afnemen, ook niet het concentratiekamp Auschwitz en alle andere afschuwelijke doodsplekken die onze wereld kent, want het gaat om een Vrede die Jezus persoonlijk in ons hart legt tijdens onze momenten van gebed. Natuurlijk moeten we niet afwijzend staan tegenover een rustgevende vrede en veiligheid die de wereld ons bij tijd en wijle weet te bieden, maar het is een vorm van vrede en veiligheid die op den duur weer wegebt, want, wat blijft er feitelijk op den duur van over? De Prins van de Vrede, die geboren is te Bethlehem in een voederbak van de beesten, tijdens een ijzige kou, is degene Die ons Zijn Vrede aanbiedt, en dat is de Vrede die ons hart diep vervult, en die ons al volkomen vreugdevol maakt op deze aarde, en het is de Vrede die de uitverkoren in de Hemel het eeuwige geluk schenkt.

Tijdens dit Kersfeest, O Kindje-Jezus,
kom ons arme, verontruste hart verwarmen en moed inspreken. Kom ons genezen van de verwonding van de angst en van een gebrek aan liefde. Maak van ons dragers van vrede in deze wereld zonder vrede, waarin de mensen vrede zoeken juist op plaatsen waar je de vrede verliest. Jouw Moeder zegt ons: “Werk voor de Vrede en bouw haar op door middel van het Sacrament van de Biecht.” Dus, Kindje-Jezus, kom, en werk met ons mee aan de vrede. Kom, en bouw de vrede samen met ons op langs onze stappen, waarbij we proberen te vergeven, en door middel van jouw Sacrament van Verzoening. Dat al het kwaad dat zich in ons bevindt en om ons heen vermorzeld zou mogen worden dood jouw onschuld. Zoals Teresa van Avila, en zoals Edith Stein en zoveel andere heiligen, wil ik op mijn beurt Jou leren kennen, en met Jou spelen, en Jou tegen mijn hart aandrukken, en elk moment van de dag met Jou leven, en ik wil Jou verlangens vervullen, en ik wil me dag na dag door Jou laten omvormen. Samen met Jou, kleine Koning van Glorie, wil ik me meester maken van het Rijk der Hemelen, dat toebehoort aan de kinderen en aan hen die op hen lijken.

5. Een cadeau van pater Slavko?
Van 15 tot 24 november heeft de parochie een noveen gebeden tot pater Slavko ter gelegenheid van de twintigste verjaardag van zijn geboorte in de Hemel. Een Italiaanse vrouw die in Medjugorje woont heeft toen haar vader toevertrouwd aan de voorspraak van pater Slavko, omdat haar vader ernstig en veel leed vanwege een beroerte. Zijzelf had een kwaadaardige tumor in haar baarmoeder, maar desalniettemin vroeg ze juist om de genezing van haar vader. Tegen het einde van de noveen was de tumor in haar baarmoeder verdwenen tot grote verbazing van haar arts, en haar vader is weer geheel de oude geworden en volkomen genezen. Allebei maken ze het nu uitstekend. Lang leve de hulp van de heiligen!


***

Lieve Gospa, Moeder van Emmanuel, maak dat deze Kerst de meest vreugdevolle zou mogen zijn van alle Kerstfeesten. Dat alle families van jou het meest kostbare geschenk zouden mogen ontvangen van al jouw geschenken: Jouw Kindje-Jezus, op deze dag van Vreugde. Dat Hij onder ons zou mogen verblijven en bij ons zou mogen zijn, want er is geen sprake van dat wij ooit zonder onze Verlosser willen leven.

Zr. Emmanuel Maillard (Gemeenschap van de Zaligsprekingen)