Medjugorje

Maria Koningin van de Vrede

 
Overweging van pater Ljubo Kurtovic

HET GEBED IS EEN BEHOEFTE

De Gelukzalige Maagd Maria herinnert ons er in haar boodschap aan, dat de Vastentijd waarin we ons bevinden, een tijd van genade is. Deze tijd van genade heeft zijn aanvang genomen met de komst van Jezus Christus. In talrijke voorafgaande boodschappen, heeft de Gospa onze aandacht op deze werkelijkheid willen vestigen, die in en rondom ons aanwezig is. De aanwezigheid van Maria hier, is een genade; het is een gave voor degene die haar aanneemt als Moeder van zijn leven en zijn vrede.
Elk van haar woorden en haar boodschappen zijn een roep van haar moederlijk hart, gericht tot het hart van de mens.

In deze laatste boodschap wil Maria, onze Moeder, dat we vrienden van Jezus worden: dat we geen vreemdelingen meer zouden zijn, maar Zijn vrienden, die Hem elke dag beter leren kennen. We kunnen slechts vrienden van elkaar worden als we vrienden van Jezus zijn. We kunnen onszelf gelovigen en christenen noemen, we kunnen elke week de H.Mis bijwonen, regelmatig te biecht gaan, ons geloof naar buiten toe zowel goed als slecht beleven, terwijl we tegelijkertijd Jezus niet kennen en niet Zijn vrienden zijn. We kunnen nooit zeggen dat we Jezus voldoende kennen. We kunnen Hem alleen zoeken; we kunnen Hem vinden omdat Hij als eerste naar ons op zoek is gegaan. Volgens de Apostel Johannes: "Hierin bestaat de liefde: niet wij hebben God lief gehad, maar Hij heeft ons liefgehad, en Hij heeft zijn Zoon gezonden om door het offer van zijn leven onze zonden uit te wissen." (1 Joh 4,10)

De heilige Augustinus vertelt in zijn "Belijdenissen" een geweldige ervaring van de liefde van God en Zijn nabijheid, welke de heilige Monica, zijn moeder, door gebed voor hem verkregen heeft:

"Laat heb ik U liefgekregen, o schoonheid, zo oud en zo nieuw, laat heb ik U liefgekregen. En Gij waart binnen en ik was buiten […] Gij waart bij mij en ik niet bij U […] Geroepen hebt Gij, geschreeuwd en mijn doofheid doorbroken; gestraald hebt Gij, geschitterd en mijn blindheid verjaagd; gegeurd hebt Gij en ik heb ingeademd en snak nu naar u; geproefd heb ik en nu honger ik en dorst ik; aangeraakt hebt Gij mij en ik ben ontvlamd naar Uw vrede.
Wanneer ik U eenmaal aan zal hangen uit heel mijn wezen, zal er voor mij nergens meer leed zijn, nergens meer last; dan zal mijn leven levend zijn, volkomen vervuld van U […] Zie, ik verheel mijn wonden niet: Gij zijt de arts en ik ben ziek; Gij zijt barmhartig en ik erbarmelijk […]
En heel mijn hoop is alleen maar gevestigd op uw overgrote barmhartigheid, Heer mijn God." (Belijdenissen, XXVII, 38 )

We hebben behoefte aan zulke ervaringen van Gods nabijheid, en de Gospa wil ons naar zulke ervaringen leiden, naar zulk een nabijheid en vriendschap.

Om te bekeren moeten we ons inspannen. Maar de bekering is iets heel groots, en is niet alleen het werk van menselijke kracht. De bekering overstijgt de mens. Het kwaad is sterker dan de mens en wil hem lamleggen. Daarom hebben we God nodig. Alleen Jezus Christus kan ons bevrijden van de zonden, van de luiheid, het egoïsme, de leugen en het kwaad. Maar wij moeten de beslissende stap zetten. Wij kunnen onszelf niet veranderen, noch onszelf op eigen kracht bekeren, maar we kunnen "ja" zeggen tegen God. We kunnen een draai in ons leven maken; we kunnen de woorden van Jezus als Goddelijke woorden gaan ontvangen, in plaats van als menselijke. Deze woorden hebben de kracht om te genezen, te bekeren en om de mens te redden. Alleen zo kunnen we met de heilige Paulus zeggen: "Ikzelf leef niet meer, Christus is het die leeft in mij. Voorzover ik nu leef in het vlees, leef ik in het geloof in de Zoon van God, die mij heeft liefgehad en zichzelf heeft overgeleverd voor mij." (Gal 2,20)

Dank u wel Maria, onze Moeder, om ons het middel te geven dat ons naar Jezus kan leiden. Dat door uw tussenkomst onze harten het gebed steeds meer als een behoefte zouden mogen ontdekken. Dat er steeds meer mensen zouden zijn die, uit liefde voor God en voor henzelf, het gebed ontdekken als iets dat ze kunnen doen en niet als iets dat ze moeten doen.

P. Ljubo Kurtović
Medjugorje 26.02.2002


Copyright © 2014. All Rights Reserved.